Skip to content

Wielerhart……

april 13, 2014

roubaixSoms snap ik maar weinig van mezelf. Wielrennen interesseerde mij jarenlang bitter weinig. En dat had niets met doping van doen, dat is van alle tijden. Het boeide mij gewoon niet meer, zonder dat ik precies wist waarom dat was. Ik negeerde sport, ook de stukken in de krant las ik niet meer. Tot vorige week zondag. Ik deed de televisie aan en viel in de finale van de Ronde van Vlaanderen. Normaal het sein om te zappen, maar ik bleef kijken. Tot het einde aan toe en zag hoe Cancellara in de sprint zijn medevluchters kansloos liet. “Wat een klasbak,” mompelde ik. Ik liet me meeslepen door de spannende slotfase van de roemruchte klassieker en had genoten. Nu is dat voor een oud-sportjournalist ook weer niet zo vreemd, maar toch. Had ik niet eerder die hele wielrennerij ten grave gedragen? Vanmiddag was het weer bal. De stofzuiger had het hele huis gezien, de meiden waren naar de fitness en ‘De Brink’ installeerde zich voor de buis. Parijs-Roubaix! Ik hoorde Maarten Ducrot babbelen over de kaarten die op tafel lagen en dat er in het peloton heel wat gepokerd werd. Voordat ik het wist zong Mart Smeets (waar was Herbert?) een liedje van Eddy Christiani en stelde hij voor een supporter die in zijn ogen te enthousiast met een vlag zwaaide een tijdje op te sluiten. Ik luisterde geamuseerd naar het kromme wielerjargon (Smeets: “Het is een krentenbroodwedstrijd!”) en de vermakelijke speculaties, theorietjes en anekdotes, waarbij wederom de nestor van de vaderlandse sportjournalistiek het hoogste woord had. Hij nam ruim de tijd om te vertellen hoezeer de edele delen van de renners te lijden hadden onder de verwoeste werking der kasseienstroken. Smeets beweerde dat een coureur die zei dat hij de avond na Parijs-Roubaix een kind had verwerkt door zijn ploegmaats eenvoudigweg niet geloofd werd. Ducrot – zelf oud-wielerprof – kon zijn oren nauwelijks geloven. Beide verslaggevers geraakten vervolgens in iets wat op een polemiek leek over het optreden van viervoudig winnaar Tom Boonen. De Belg ging er volgens Ducrot veel te vroeg vandoor, Smeets vermoedde monsterachtige krachten. Boonen had immers in de aanloop gezegd dat hij ”honderd procent” was. Daarnaast was hij ook erg boos op zijn collega’s in de kopgroep die geen kopwerk wilden doen. Hadden ze geen belang bij. Dat wilde er maar niet in bij Boonen en het misbaar was dan ook niet van de lucht. Boonen blies zichzelf op, Cancellara, Wiggins en nog veel meer grote mannen meldden zich vooraan. Smeets vroeg zich hardop af of Niki Terpsta, die ook van voren zat, nog wat explosiviteit in zijn kuiten zou hebben. Niet veel later gaf de Nederlander een antwoord dat er niet om loog. Hij plaatste een spitse demarrage en sloeg meteen een mooi gaatje. Dat gaatje werd een gat, ‘De Mart’ praatte hem professioneel naar de wielerbaan en constateerde terecht dat Terpstra deze dag voor de rest van zijn leven met zich mee zou dragen. Een landgenoot breed lachend over de finish zien komen, de beste in 1 van de meeste prestigieuze klassiekers; mijn wielerhart (…) klopte als nooit tevoren. Ik ga morgen alle wielerstukken lezen, te beginnen met de column van Bert Wagendorp. Want die gaat over Niki Terpstra, dat weet ik zeker. (Bert laat via twitter weten dat hij morgen helaas niet aan de beurt is. Gelukkig blijft er voldoende leesvoer over.)

No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: